Als buitenstaander kan ik het niet anders omschrijven dan als een jongensboek dat nog lang niet afgeschreven is. De eerste hoofdstukken worden gevuld met keihard werken en internationale ervaring opdoen. Ruim 15 jaar -en duizenden tattoo’s- later blikken Sieto, Jeroen en Hanz terug:

Het openen van een eigen zaak was voor Sieto van der Velde bepaald niet iets vanzelfsprekends:

“Je moet je voorstellen dat er in de tattoo-scene een zeer gesloten cultuur heerste. Professioneel materiaal was zeer moeilijk te krijgen, en uit het niets een shop openen was absoluut ‘not done’.

Er was een code: ‘begin onderaan de ladder, ga in de leer, en als je geluk hebt mag je ooit je eigen deuren openen’..”

Zo besloot de 18-jarige Sieto naar Japan te vertrekken om het vak te leren. Hier leerde hij onder andere de artiest Horiyoshi III kennen. Sieto liet zich inspireren door zijn Japanse collega, en ontwikkelde zijn eigen stijl. “Horiyoshi deed aan ‘custom tattooing’. Oftewel: de klant beschrijft in grote lijnen wat hij/zij wil, maar de artiest bepaalt wat erop komt.”

Daarna volgt een periode waarin hij ervaring opdoet en langzaam maar zeker naam begint te maken. “Uiteindelijk sta je dan voor de keus: blijf ik dit doen als hobby in het weekend, of wil ik professioneel? Ik heb toen de knop omgezet, alles gelaten voor wat het was en me vol gestort op het tatoeëren.”

Al vrij snel komt de kersverse ondernemer erachter dat hij handen tekort komt. Op de sportschool maken Sieto en zijn broer Hanz kennis met Jeroen. Hanz geeft judotraining aan Jeroen en kent hem als een keiharde werker. Jeroen is 14 als hij al geregeld over de schouders van Sieto meekijkt wanneer deze thuis aan het werk is. Na het afronden van de hotelschool vindt hij zichzelf terug als barman van een hotelketen. Jeroen besluit dat dit niet is wat hij wil en gaat in de leer bij Sieto. Maar wel op de ouderwetse manier…”Toen zat ik ineens iedere ochtend de naalden schoon te maken en het kleed te schrobben. Alles onbetaald, met kost en inwoning als beloning. De afspraak was dat ik er geen werk naast had, zo kon ik mij vol focussen op mijn ontwikkeling als artiest. In het weekend kreeg ik wat geld om een biertje te kopen en de rest van de week tekende ik mij helemaal scheel!’

 Na 2.5 jaar draait Jeroen volwaardig mee in de shop. Het gaat goed, te goed misschien..

Nieuwe ambities, zoals het deelnemen aan conventies, steken de kop op. Maar de drukte die de shop met zich meebrengt verhindert dat Sieto en Jeroen daarvoor voldoende tijd vinden.

Hanz biedt aan om het management van de jongens over te nemen, en niet zonder resultaat!

In no-time draaien Jeroen en Sieto 20 shows per jaar en bevinden zij zich op conventies tussen de grote namen van de tattoowereld. “Ik had toen al wel de ambitie om zelf ook te tatoeëren..” begint Hanz, “..maar destijds had ik niet voldoende tijd had om mij daar volledig op te storten.” Echter, na een paar biertjes in een bar in Singapore laat Hanz zich door zijn broer overhalen om zich aan te sluiten bij het team. Met zijn Polynesische stijl (Hanzinesisch, zoals Sieto het omschrijft..) weet hij een compleet nieuwe doelgroep aan te spreken. Opnieuw zien de mannen hun ‘Yugen Tattoo’ groeien.

De pure liefde voor het vak van tattoo-artiest spreekt uit alles wat de mannen doen. Van de strenge vakopleiding tot het ouderwets ‘inspijkeren’ van een tattoo op Jeroens keel in het oerwoud van Borneo. Hun wereld draait om de oudste kunstvorm ter wereld: de tattoo. Als buitenstaander ben ik benieuwd waar het jongensboek van deze mannen eindigt. Wanneer zij na hun omzwervingen en prestaties tevreden zullen zijn. Jeroen denkt na: “Moeilijk.., we willen gewoon zoveel mogelijk huid vullen!” antwoordt hij. “Misschien dat we ooit nog eens gek doen en een shop in New York openen..”, vult Hanz aan. “Maar tevreden zijn we nooit..”, besluit Sieto als hij opstaat en voor de zoveelste keer de deur van Yugen Tattoo wagenwijd openzet.